Deel dit bericht op uw sociale media

Vrieskou deed daklozenopvang ook in Aalst pieken…

OCMW Aalst Dienstbetoon Persregio DenderMet een gemiddelde van bijna 9 daklozen per nacht is de winteropvang in Aalst vergelijkbaar met de vorige winterperiode. De vrieskou van januari zorgde wél voor een piekmoment. Tijdens de drukste nacht kregen 21 personen nachtopvang. Dat blijkt uit de balans die het OCMW en het CAW opmaakten na het afsluiten van de winteropvang. Het residentieel centrum van het CAW beschikt permanent over 10 bedden, gespreid over 7 kamers, voor de zogenaamde bed-bad-brood-opvang. Het winternoodplan verhoogt de capaciteit naar 14 bedden. Als 14 bedden nog niet voldoende blijken, brengen noodbedden soelaas. De afgelopen winter is de capaciteit van 14 noodbedden 14 keer overschreden. Dit was het geval voor twee nachten in december 2016 en voor twaalf nachten in januari 2017. Deze periode loopt gelijk met de koudeprik van deze winter. OCMW-voorzitter Sarah Smeyers: “Deze winter tellen we meer dan 1000 overnachtingen tijdens het winternoodplan. Uit de cijfers van dit jaar én van afgelopen jaren blijkt duidelijk dat daklozenopvang nodig is, en niet enkel bij vrieskou. Dat wil zeggen dat zodra er zich een winterprik aandient, we moeten overschakelen op het flexibele systeem van de noodbedden.”

Het winternoodplan garandeert voor elke dakloze nachtopvang. Wie zich ’s avonds aanmeldt bij het residentieel centrum, krijgt een slaapplaats, douchemogelijkheid en een ontbijt. Het sociaal restaurant biedt maaltijden, overdag kunnen daklozen terecht in de lokale dienstencentra en het OCMW zorgt voor logistieke ondersteuning… En niet onbelangrijk: naast de opvang krijgen deze mensen ook de kans om de stap te zetten naar een structurele hulpverlening op maat.Het zijn veelal mannen die bij het residentieel centrum aankloppen (72,5%). Vrouwen zijn veel minder vertegenwoordigd, al is hun aandeel tijdens de afgelopen winterperiode gestegen naar 20,35%. Positief is dan weer de vaststelling dat het aantal kinderen in de winteropvang daalde naar 7,1%.

Er is in het algemeen een grote vraag naar opvang, en dat vergroot de druk op de winternood wanneer het enkele dagen achter elkaar vriest. Het is een uitdaging om de druk op die momenten te doen afnemen. Het OCMW en het CAW zet daarom extra in op de begeleiding van de mensen die men opvangt en men neemt ook preventieve maatregelen die vermijden dat mensen een beroep moeten doen op de daklozenopvang. Men werkt daarvoor nauw samen met alle betrokken organisaties, men volgt de situatie op de voet en men verscherpt de werking indien nodig. Dankzij deze gezamenlijke inzet heeft men het deze winter opnieuw voor heel wat mensen draaglijker kunnen maken.

Cornelis Partners